9 Ontvangen Geven
9. Ontvangen - Geven
De grondwet van bijbelse hulpverlening:
Je kunt niets geven of je moet
het eerst ontvangen hebben
EN
Je ontvangt om later weer door te geven.
Hulpverlening geven is altijd slechts in dit perspectief gezien zinvol. Anders gebeurt het
'ter bevrediging van eigen vlees'
en dient het slechts de
'omstandigheden'.
Een kettingreactie –tot verlossing van het volk- wordt vanaf de eerste ontmoeting doelbewust in beweging gezet.
Hulpverlening zaaien is hulpverlening verwekken.
Dit is niet ad hoc de mens in nood helpen maar wezenlijk en structureel aan de noodleniging in de wereld werken.
Werk doelgericht en in geloof en:
'Ons zal geschieden naar ons geloof'.
Wie veel ontvangt zal dan ook weer veel geven!
Wijsheid op gebed, eenvoudigweg, zonder verwijt geeft God die. Autoriteit, gezag, geeft God.
Daarom is vrede, innerlijke vrede de basis voor elk Goddelijk gezag.
Vragen:
1. Waar zijn de beste hulpverleners te vinden?
2. Geven zonder te ontvangen geeft spanning. Waar blijkt die?
3. Wat blokkeert ons ontvangen?
4. Wat blokkeert ons geven?
5. Waarom zijn de mensen eerder geneigd om te ontvangen dan om te geven?
6. Wat geneest meer, geven of ontvangen?
- Inleidng
- 1. Wat is de mens
- 2. Zijn goddelijke kracht
- 3. Maaltijd houden
- 4. Pijn
- 5. Hoogmoed
- 6. Zo wit als sneeuw
- 7. Liefde Aanvaarding Vergeving
- 8. Sterk in woord en werk
- 9. Ontvangen Geven
- 10. Troost en verlossing
- 11. Schuld Schaamte Vrees
- 12. Zo is er dan geen veroordeling
- 13. Veroordeling en verzoening
- 14. Troost troost mijn volk
- 15. Voeding Reiniging Gemeenschap
- 16. De grote opdracht
- 17. Bewerende wijs te zijn
- 18. Honger naar
- 19.De pijnoverdracht
- 20. Relaties tot gedrag
- 21. Diepe slingering grote kracht
- 22. Dooft de geest niet uit
- 23. Lust doodt liefde
- 24. God is Geest
- 25. Geweld en geloof
- 26. Gemeenschap geeft vrucht
- 27. De ziel
- 28. De wilssterke mens
- 29. De gevoelsmens
- 30. De rationalist
- 31. De zes levenshoudingen
- 32. Liefde in drievoud
- 33. Voeding in drievoud
- 34. Een lofgewaad past altijd
- 35. Alles op zijn plaats
- 36. Slotwoord


